Kritische noo(d)t,

 

 

Wat is en doet een carnavals wagenbouw vereniging?

 

1:      Ze maken een keer per jaar een wagen voor de optocht.

 

2:      Ze vieren feest.

 

3:      Ze zijn een hechte gemeenschap, waar ieder zijn eigen ideeën heeft.

 

4:      Ze leren de jeugd technische en sociale vaardigheden.

 

 

Dit lijkt eigenlijk niet veel, is het dat ook?

 

1:      Ze maken een keer per jaar een wagen voor de optocht.

 

Dit is wel heel kort samengevat wat zo’n vereniging is en doet, dus in een wat uitgebreidere vorm betekend dat we een maand na de carnaval beginnen met het afbreken van de wagen van het afgelopen seizoen. Dit gaat er meestal wel gemoedelijk aan toe, behalve wanneer de dagen komen waarbij de hopen afval moeten worden afgevoerd. Er wordt dan ook meestal begonnen met een bouwavond per week. Deze bouwavonden worden dan ook al weer gebruikt om ideeën op te doen voor de volgende wagen. Aangezien wij het laatste jaar een wagen zonder tekening gebouwd hebben, alleen gebaseerd op ideeën, doen we dat dit jaar dus ook maar weer. Dus kan er al vrij snel begonnen worden met het maken van de details die uit de ideeën voortgekomen zijn. Dit zijn vaak de “kleinere figuren” en platen die later op de wagen geplaatst kunnen worden. Kleinere figuren staat hier even tussen aanhalingstekens omdat deze toch wel vaak zo’n anderhalve meter hoog zijn. In die zelfde tijd worden ook al de basis punten op de wagen aangebracht, zoals draaipunten. Tot aan de zomer blijft dit dan ook vaak zo, maar geleidelijk aan begint het besef door te dringen dat wanneer je met een kleine groep een grote wagen gaat bouwen de tijd al heel vroeg gaat dringen. Dus word al snel overgeschakeld naar twee bouwavonden per week en de zaterdagochtend volgt dan ook al heel snel. Dan volgt al snel een periode waarin het een drukte van jewelste is in de loods, de loods mag dan wel groot lijken, maar in deze periode is hij veel te klein. Dicht op elkaar wordt er aan objecten gewerkt, er wordt gelast, gegaast, gekleid en afgewerkt met polyester. Ondertussen worden ook de palen opgebouwd waar de grote poppen opgemaakt moeten worden, de ruimte in de loods word met de dag kleiner. Waar aan de ene kant iemand bezig is uitgeharde polyesterdelen van het klei te halen, wordt direct daarnaast al weer de volgende figuur in klei gevormd. De losgemaakte figuurdelen moeten dan weer aan elkaar gezet en verder afgewerkt worden. Ondertussen beginnen deze onderdelen ook al aardig in de weg te liggen en de beschikbare ruimte wordt steeds kleiner. Zo hier en daar beginnen de tegenslagen op treden,  hier wat meer en daar wat vaker. Het begint te vriezen, de water leiding klapt, de klei begint te scheuren en valt uit elkaar en de polyester hard niet meer uit. De tijd begint te dringen, weken gaan verloren aan het herstellen van de schade en dan begint de tijd echt te dringen. Dan begint het spuitwerk en de eerste kleuren komen op de wagen. Dat is het moment waar objectief de eerste indrukken ontstaan, hoe het geheel er uit gaat zien. Vervolgens blijft het stressen tot vlak voor Carnaval om alles klaar te krijgen. Uiteindelijk lukt het dan ook net op het nippertje, en dan komt de dag dat de wagen voor het eerst weer de loods uitrijdt en het geheel bij daglicht gezien kan worden. Geheel is overdreven want de uitrijdhoogte van de loods is vier meter en de wagen is acht meter, dus ook de resterende onderdelen moeten nog de loods uit. Het geheel moet dan in onderdelen naar de stad gebracht worden, om daar opgebouwd te worden tot een geheel. Weer een spannend moment, alles moet in een keer passen en werken, dan is het de eerste keer dat wij de wagen in zijn geheel kunnen zien.

De wagen is klaar voor de optocht.

Zelfs dit is nog heel kort samengevat wat er voor komt kijken om een wagen te bouwen. 

 

2:      Ze vieren feest.

 

Hier kan ik heel kort over zijn, dat staat als een paal boven water, waar de Sloffers binnen komen wordt het gezellig. Zelfs al zouden we bij Mac Donalds binnengaan, zou het daar gezellig worden.

 

 

3:      Ze zijn een hechte gemeenschap, waar ieder zijn eigen ideeën heeft.

 

Ook weer een onderwerp waar ik kort over kan zijn. De vereniging heeft een controversieel karakter in de zin van gesloten en open te zijn. De vereniging is open naar een ieder die wil meedoen en een beetje gesloten naar de buitenwereld. Intern is het nagenoeg het zelfde verhaal alleen dan in omgekeerde volgorde, ieder heeft zo zijn eigen mening over het hoe wat en waar, maar uiteindelijk komt er altijd weer een wagen waar eenieder zich in kan herkennen.

 

 

4:      Ze leren de jeugd technische en sociale vaardigheden.

 

Dit onderdeel is voor mijn gevoel een van de belangrijkere onderdelen, de jeugd wordt vaak als een probleem gezien, terwijl het de toekomst is. Voorwaarde om deze toekomst een mogelijkheid te bieden is dat de jeugd een kans krijgt om zich te profileren. We zijn waarschijnlijk allemaal een keer jong en enthousiast geweest en wie zich dat nog kan herinneren weet dan ook dat op dat moment voor je gevoel alles veel te langzaam gaat. Juist in een vereniging zoals bij ons kan de jeugd met vallen en opstaan leren dat wanneer je wat wil bereiken er vaak geduld en doorzettings vermogen gevraagd is. Dat dit leerproces niet volgens de moderne pedagogische methoden te werk gaat is neem ik aan wel duidelijk. Wat volgens mij in deze tijd nog al eens vergeten wordt is dat veel jongeren met een hoop creatieve energie zich niet kunnen uitleven, omdat daarvoor de faciliteiten ontbreken. Je kunt iemand een stuk hout geven om zich in uit te leven of je loopt het risico dat het houtsnijwerk in een boom of een parkbank wordt uitgevoerd.

In plaats van ’s nachts met spuitbussen de omgeving te bekladden kan ook de mogelijkheid geboden worden om deze creativiteit op een andere manier tot uiting te brengen. De wagenbouw biedt op dit gebied nagenoeg alle facetten om zich creatief uit te leven, alleen is daar de gemeente ook gevraagd om de verschillende verenigingen hiervoor de mogelijk te bieden. Daarvoor zijn dan weer ambtenaren nodig, die naast optellen en aftrekken ook nog moeten kunnen “rekenen”.

 

m.v.g.

 

Wolfgang

 

 

 

HOME